Recept: Boekweitpannenkoekjes met gerookte zalm en mierikswortelroom

Ingrediënten

4 eieren
120 gram bloem
180 gram boekweitmeel
1 theelepel zout
½ liter melk
3 theelepels instant gist
120 gram boter
2 ½ deciliter zure room
een paar gesnipperde lente-uitjes, of wat dille
minstens 300 gram gerookte zalm, of verse zalm om zelf te roken

voor de mierikswortelroom:

250 gram crème fraîche
verse mierikswortel, of anders uit een potje
eventueel wat suiker

Bereiding van de pannenkoekjes

Splits de eieren en doe de dooiers en het eiwit in twee verschillende kommen. Er mag geen eigeel bij het eiwit zitten, want dan kun je de eiwitten straks niet stijf kloppen.

Zeef de bloem, het boekweitmeel en het zout in een grote kom. Verwarm de melk tot die lauw is. Strooi de gist in een kuiltje in de bloem en giet de melk erop. Mix het tot je een soepel en glad beslag hebt.

Smelt 60 gram boter. Mix de zure room met de eidooiers en giet al kloppende de boter erbij.

Mix dit door het bloembeslag ben laat het nu een halfuurtje rusten. Mix in een schone vetvrije kom de eiwitten tot je pieken ziet als je de gardes even omhoog haalt. Spatel het eiwitschuim voorzichtig door het beslag; het is eigenlijk meer ‘vouwen’ dan roeren.

Verhit een koekenpan en laat er een klontje boter in smelten. Schep met een pollepel een beetje beslag in de pan. Bak de pannenkoekjes aan beide kanten goudbruin. Houd ze warm op een bord op een pan met kokend water, dat werkt prima. Als de koekenpan te droog wordt, smelt je eerst weer wat boter voordat je verder bakt. Bak door tot al het beslag op is: koude overgebleven pannenkoekjes zijn ook lekker!

Bereiding van de mierikswortelroom

Schep de crème fraîche in een kom. Rasp een stuk geschilde mierikswortel en doe dat erbij. Er mag best veel in. Mierikswortel smaakt pittig, dus proef zelf even wat je ervan vindt. Je kunt er ook nog een beetje suiker bij doen. Maak een lekker bordje met een paar pannenkoekjes, flink wat zalm, een schep mierikswortelroom en dille of lente-ui.

Zelf zalm roken?

Zelf zalm roken is eenvoudig. Je kunt het doen in een speciaal rookoventje, maar je kunt ook zelf een soort oventje maken. Het gaat erom dat de vis een poosje in een afgesloten ruimte met rook ligt. Heb je een roestvrijstalen pannetje?

Leg wat speciale houtmot op de bodem (te koop in een winkel voor keukengerei of een hengelsportwinkel)en daaroverheen wat aluminiumfolie. Bestrooi de vis met zout en peper en leg hem erbovenop. Dek de pan af met een stuk aluminiumfolie dat je strak om de pan heen vouwt. Door de pan op gematigde temperatuur – zeg maar op half – te verhitten, begint het hout te roken.

Als het niet meer rookt (open voorzichtig even de folie of de deksel van de rookoven om dat te controleren) kijk je of de vis gaar is. Een stuk vis van een halve kilo doet er ongeveer een kwartier over. Als je vindt dat de vis nog niet gaar genoeg is, kun je hem nog even in de rookoven laten, maar maak de vis vooral niet te gaar. Dat is zonde van de smaak. Verdeel de gerookte zalm in stevige stukken of vlokken: wat je maar wilt.

D001

Over de Auteur

Angela Prins
Angela Prins

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>

Copyright © 2016.  webdesign Thiewes.nl.